Marathon #8 – Antwerpen

Vrijdag
21 april vertrek ik eind van de ochtend richting Amsterdam, daar pak ik de Thalys naar Antwerpen. Ik voel me helemaal op m’n plek in m’n roze stoel met m’n regenboog haar.
5 Kwartier nadat we van Amsterdam Centraal zijn vertrokken kom ik aan in Antwerpen. Wanneer ik het station uitloop zie ik twee verlaten trossen bananen liggen en ik (Banana Eve) voel me meteen welkom hier.
Met behulp van Google Maps op m’n telefoon wandel ik naar mijn hotel. Na het inchecken verteld het meisje-achter-de-balie dat de lift defect is. Ik geef aan dat ik dit geen probleem vind, alleen misschien wel op de maandagochtend aangezien het dan de ochtend na de marathon is. ‘Ohh ga je de hele marathon lopen? Ik vind het nu al knap van je, ik kom je maandag wel helpen met je tas dan!’
Mijn kamer bevind zich op de derde verdieping en het is een prima kamer. Een tweepersoonsbed, een badkamer met een douche en er is een tv. Ik pak mijn tas deels uit, hang wat kleding op en leg mijn sportkleding op een ‘eigen’ plank. Ik pak mijn boekje met aantekeningen en begin mijn eerste wandeling te plannen.
pixlr
Via het centrum wandel ik richting de Schelde, daar loop ik in rondjes op zoek naar de ingang van de St. Annatunnel, de voetgangerstunnel die je naar de Linkeroever brengt. Het duurt even tot ik doorkrijg dat je via een gebouwtje de tunnel bereikt. Twee lange houten roltrappen brengen je naar beneden, 31,57 meter onder de grond. De tunnel zelf is een kleine 600 meter lang. Ik moet zeggen dat ik best onder de indruk ben van deze tunnel, de roltrappen zijn prachtig en de tunnel oogt erg licht en ruim.
Eenmaal weer bovengronds wandel ik naar de Expo van de 10EM / Marathon. Die tref ik vrijwel verlaten aan dus ik hoef niet lang op mijn startnummer te wachten. Nog even langs de Schelde wandelen en dan weer via de St. Annatunnel terug naar de Rechteroever. Het belangrijkste kan ik nu van mijn lijstje schrappen, het startnummer is binnen. Nu even lekker rondwandelen. In de 3,5 uur die ik vandaag wandelend afleg bezoek ik o.a. Het Steen, kom ik langs het Rubenshuis, loop ik langs de Schelde, langs de St. Joriskerk en wandel ik door de Plantentuin in de Leopoldstraat. Uiteindelijk is het om half 7 tijd voor wat eten. Ik besluit naar Falafeltof te gaan. Als ik ergens voor het eerst binnenkom wil ik graag in 1 oogopslag weten hoe het werkt, waar ik moet wezen. Wanneer ik na het eten ga afrekenen vraagt de eigenaar (denk ik) van de zaak of ik hier voor het eerst kom. Ik schiet in de lach en beaam dit feit. Het was duidelijk te zien dat ik niets begreep van de gang van zaken hier en ik me alles behalve op mijn gemak voelde. Wanneer ik hem vertel dat ik hier voor de marathon ben krijg ik te horen dat ook hij de marathon gaat lopen, zijn streeftijd is 5 uur. We nemen afscheid en hij roept ik zie je zondag!
pixlr_20170528204701471
Zaterdagochtend
Rond een uur of 10 ga ik weer aan de wandel. Ik loop langs de St. Jacobskerk maar ik krijg niet de indruk dat deze open is dus ik loop door naar de Onze Lieve Vrouwe Kathedraal. Na een klein uur genieten van al het moois loop ik weer naar buiten. Ik loop langs het Stadhuis en ga op zoek naar de Vlaeykensgang, dat was makkelijker gezegd dan gedaan. Het betreft een klein gangetje en ik loop er schijnbaar steeds langs. Plotseling zie ik het, hehe, maar het was de zoektocht wel waard zeg. Dit kleine gangetje is inderdaad een pareltje. Wanneer ik het gangetje weer verlaat komt er een hele groep toeristen inclusief gids binnen gelopen, ik heb mazzel dat ik deze plek even voor mezelf heb gehad. Eenmaal buiten valt me pas op dat er wegwijzers staan waarop dus ook de toeristische plekjes staan aangegeven……en ik maar denken dat het een onbekende verborgen schat is. Ik vervolg m’n wandeling en kom langs de St. Pauluskerk en Museum Vleeshuis, via de Schelde loop ik langs het Loodsgebouw. Ik ben op zoek naar de Tavenierkaai, daar is de Liefdesmuur. Oftewel er hangen allerlei ondergekalkte, ondergekraste slotjes aan de brug. Ik had online wel al gelezen dat er sprake van was dat alles werd verwijderd maar las ook dat er een deel bewaard zou blijven. Eenmaal daar blijkt toch alles weg te zijn. Ik loop verder naar Museum aan de Stroom (MAS) en vanaf daar loop ik langs het Kerkschip naar het Havenhuis. Een prachtig gebouw maar ik wordt er gewoon beroerd van. Hoogtevrees vanaf de grond zegmaar. Het liefst steek ik kruipend het plein over. Ik besluit om terug te gaan naar het hotel, ik heb al sinds de wandeling van gister pijn in beide grote tenen. M’n nieuwe Nike’s waar ik zo verliefd op ben, die ik maanden geleden heb gekocht en heb bewaard voor Antwerpen blijken een te smalle neus te hebben wat dus drukt op mijn teennagels. Op de terugweg kom ik langs Jumping Antwerpen, ik hou ervan. In het hotel wissel ik m’n Nike’s in voor mijn sandalen. De telefoon gaat even aan de oplader en ik probeer een handige route uit te stippelen om in een korte tijd zoveel mogelijk van mijn to-see-lijstje te strepen.
pixlr_20170528205106222
Ik begin in het Begijnhof en blijf hier een klein half uur want wat is dit genieten, wat een prachtig hof. Van hieruit loop ik richting de wijk Zurenborg, in deze wijk bevinden zich twee punten van mijn to-see-lijstje. De Dageraadplaats weet ik te vinden maar daar staat een soort mini kermisje dus er valt weinig te zien. Ook weet ik niet goed meer waarom ik dit op mijn lijst heb gezet want het lijkt me een gewoon plein. Ik loop nog wat in de rondte maar mijn navigatie is van slag. Ook heb ik er zelf niet heel veel geduld meer voor. Ik heb eerder al 4 uur in de rondte gelopen, het is ondertussen al later in de middag en ik moet nog een heel stuk teruglopen dus ik besluit het hierbij te laten zitten. Tegen de tijd dat ik weer in het centrum ben is het alweer half 6, tijd voor een momentje van rust. Ik duik een Starbucks in en bestel een cappuccino en een stuk worteltaart.
Op de terugweg naar het hotel eet ik bij Wagamama. In het hotel plof ik neer op bed en kijk ik lekker doelloos naar de tv, ik leg m’n kleding klaar voor morgen en dan ga ik slapen.
pixlr_20170528210544492
Zondag
Om kwart voor 7 loop ik al buiten, veels te vroeg maar ik ben te ongeduldig om op m’n kamer te blijven wachten. Rustig wandel ik door de stille en verlaten straten. Her en der staan er al hekken klaar en verder wordt er van alles opgebouwd. Wanneer ik bij de Grote Markt aankom, waar ik als alles goed gaat vanmiddag over de finish kom, lopen er een aantal mannen. Eentje begint wat naar me te roepen, hij vraagt of ik de marathon ga lopen. Ik knik ja en dan vraagt hij of ik echt de hele ga lopen? De hele? Echt waar? Ik lach en zeg ja echt ik ga de hele lopen. Ik heb nu al respect voor je, je gaat het redden meissie! En ik zal er zijn, ik ga je aanmoedigen! Echt waar! Ik zie je straks!
Ik bedank hem alvast en zeg oke tot straks! Ik vermoed dat ze net de kroeg uit komen rollen en dat ze tegen de tijd dat ik over de finish kom nog lekker in hun bed liggen. Ik heb gelezen dat er pontjes zijn die de lopers naar de Linkeroever brengen maar ga toch via de St. Annatunnel, mede omdat ik zo vroeg ben en dus tijd over heb maar voornamelijk omdat ik die route nou eenmaal al ken.
Veels te vroeg sta ik in het startgebied. Het is koud dus ik loop maar gewoon wat rondjes. Gelukkig ben ik niet de enige, er zijn meer vroege vogels aanwezig. In een mail stond aangegeven dat je je kleding vóór 8:15 moet inleveren. In een latere mail staat vóór 8:45. In plaats van dat ik dit navraag bij de vrijwilligers lever ik braaf mijn tas in om 8:10.
Het merendeel van mijn medelopers loopt nog rond in hun extra kleding. En ik loop rond in m’n shorts, singlet en sleeves die ik godzijdank thuis op het laatste moment nog in m’n rugtas heb gegooid. Door meerdere mensen wordt ik aangesproken , of ik het niet ontzettend koud heb? Ze krijgen het al koud als ze naar me kijken. Tuurlijk heb ik het koud, het is ook heel erg koud, het begint zelfs wat te regenen. Gewoon niet aan denken, dan voelt het meteen ook een heel stuk minder koud, gewoon niet aan toegeven. Van iedereen die me aanspreekt krijg ik een bemoedigend lachje. En dan is het eindelijk tijd om naar de startvakken te gaan. Ik ga in het startvak staan, in het vak 4:15, maar schuif dan toch een vak naar voren wie weet gaat het dit keer wel gewoon hartstikke lekker en niet zoals vorig jaar. Dus ik sta nu in het vak 3:59, het groene vak. Want ja groen….
Alle vakken zijn nog vrijwel leeg en dus ook het vak voor mij. Het rode vak met einddtijd 3:45 en daar in dat vak is zo’n 2 vierkante meter zon. Dus ik schuif weer een vak door en ga in de zon staan, net als de paar andere mensen die in dit vak staan, we staan als een soort pinguïns bij elkaar in dat ene stukje zon. We moeten er allemaal wat om lachen.
Ik stop m’n sleeves in m’n flipbelt en dan is daar het startschot. Met tranen in m’n ogen kom ik over de start, jezus begint dat nu al? Mijn gebruikelijke tactiek van ‘zo snel als mogelijk starten, uit de meute wegkomen, zo lang als mogelijk zo snel als mogelijk blijven lopen, instorten, uitrollen en met een sprintje finishen’ laat ik varen. Ik loop gewoon met de meute mee en haal alleen in als ik me echt te ingesloten voel. Na zo’n twee kilometer duiken we de Waaslandtunnel in, ook wel de Konijnenpijp. Deze tunnel ligt zo’n 37,65 meter onder de grond, of het water eigenlijk dus net als de St. Annatunnel en is zo’n 2,1 kilometer lang. Ook hier blijf ik gewoon rustig lopen en ik loop prima. Ik hang wat achter een jongen die wat heen en weer zigzagt maar ik vind het prima, zo kan ik tenminste niet te hard gaan. De eerste 20km loop ik op zich goed, ik heb nergens last van, ook niet van m’n ademhaling. Die gaat de laatste tijd niet zo lekker, waarschijnlijk omdat ik sowieso niet zo best loop. Ik heb alleen de hele tijd het gevoel alsof ik op vals plat loop, of dit zo is weet ik niet maar ik vermoed dat m’n benen toch teveel hebben gewandeld in de dagen hiervoor. Op 20km besluit ik m’n eerste gelletje naar binnen te werken. Nou ben ik niet zo van de gelletjes. M’n eerste paar marathons liep ik dan ook echt zonder gels. Wanneer ik weer begin te lopen komt er een man naast me lopen en spreekt me aan. Wat hij zegt of vraagt weet ik niet meer en dus ook niet wat ik uit beleefdheid antwoord. Dit gebeurd wel vaker dat iemand je even aanspreekt. Na een korte conversatie ga je weer je eigen weg, dezelfde weg maar beide weer in je eigen bubbeltje. De man blijft naast me lopen en zegt later weer iets. Oke….deze meneer gaat voorlopig nog niet weg begrijp ik dus ik laat m’n bubbel varen en probeer me op hem te focussen. We raken aan de praat en even later zitten we dus op de helft van de marathon. Ik begin te merken dat de conversatie voor afleiding begint te zorgen, in positieve zin. Ik hou me er niet meer zo mee bezig met hoe ik me voel, dat mijn benen zwaarder worden en ik het wellicht allemaal niet meer zo leuk vind, het toch niet zo’n goed plan vond van mezelf. De meneer heet Richard (op z’n Belgisch uitgesproken: Riechaar), is 60 jaar, loopt sinds zijn 50ste en dit is zijn +/- 40ste marathon. Hij loopt er gewoon zo’n 3 per jaar!
We kletsen over van alles. En lachen, we lachen wat af. Ben ik potverdorie gewoon aan het genieten onderweg! Moet niet gekker worden. Het publiek ziet het ook, we worden steeds samen aangemoedigd en beide zwaaien en lachen we naar de mensen. Op 27km doen we er beide net even iets te lang over om uit te rekenen dat we er gewoon nog ‘maar’ 15 hoeven! Wanneer we bij het 30km punt aankomen geeft Richard aan dat hij even moet stoppen, hij moet echt even naar de dixie dus zegt dat ik maar gewoon moet gaan. Daar voel ik dus helemaal niks voor en zeg nee hoor ik wacht hier wel. Ik neem gewoon nog een gelletje, drink wat water en snuit mijn neus. Snel duikt Richard de dixie in. Ik doe alles zoals beloofd en twijfel of ik in de tussentijd ook even mijn linkerschoen zal uitdoen om mijn sok goed te doen. Die irriteert me al een tijdje maar besluit het maar niet te doen. Wie weet komt Richard straks terug en moet ik me weer haasten om die schoen aan te doen of maak ik het sowieso erger door m’n sok nu anders aan te gaan doen. Ik laat m’n schoen dus aan. We gaan weer op pad en Richard geeft aan dat hij het fijn vind dat ik op hem heb gewacht. Ach ik vind het ook gewoon veels te gezellig en ik ga toch niet voor een tijd.
Rond 35 kilometer zijn we nog steeds druk in gesprek, op de foto’s zie ik dat ik zelfs druk met m’n armen aan het gebaren ben dus het gaat prima. In deze kilometers verwacht ik ook dat Rinus nu elk moment voorbij kan komen en ja hoor net na de verzorgingspost van de 35km komen de pacers van 4:15, waaronder dus Rinus, ons voorbij. Ik spreek Rinus nog even aan en we wensen elkaar succes verder.
Ondertussen krijgt Richard het zwaar, dit is niet zijn dag vandaag. Bij ongeveer 36,5 kilometer moet Richard weer even wandelen, steken in zijn zij zo te zien en weer geeft hij aan dat ik maar moet gaan. Ik zeg nee we zijn nu al zover gekomen, we gaan samen finishen ook! Hij glimlacht en geeft aan zo weer te kunnen lopen hoor. Ik denk dat we rond de 37km zitten wanneer we door Park Spoor Oost komen, iets wat op mijn to-see-lijstje staat maar wat ik nog niet heb af kunnen strepen, maar nu dus wel! De conversatie tussen ons is stilgevallen. Richard heeft het er gewoon simpelweg te zwaar voor dus ik laat hem met rust. Ik gebruik mijn energie om de omgeving in me op te nemen. Af en toe zeg ik wat tegen hem of stel hem een simpele vraag, om even z’n gedachten ergens anders toe te zetten dan het feit dat het moeizaam gaat. Wanneer we door Park Spoor Noord lopen (38 – 40km) verteld Richard me dat een hardloopster hier in dit park is aangevallen en nu voor het eerst weer meedoet. Dit verbaasd me want het wordt dan wel een park genoemd maar het is volledig open en vlak. We komen weer in bekend gebied want we lopen nu weer in de buurt van het Museum aan de Stroom en verdomd! Inene zie ik een soort monument / kunstwerk staan, dat zijn de hangsloten van de Tavenierkaai! Helaas dus niet op de foto kunnen zetten maar kan ik de Liefdesmuur toch maar even mooi ook van mijn lijstje strepen.
Dan draaien we de brede straat van de Orteliuskaai op. Richard verteld me dat wanneer we onder de boog van de Gazette door komen we naar links moeten en dan nog maar 200 meter hoeven. Hier staat dus ook veel publiek die ons met veel enthousiasme aanmoedigen. Richard loopt echt op zijn laatste loodjes. Ik heb geen benul van hoe laat het is dus kan totaal niet inschatten of Wilbert wel of niet in de buurt van de finish is. Ik vertel mezelf dat dit niet zo is, want daar loop ik al te lang voor en hij moet op tijd op de Linkeroever zijn voor de start van de 10EM. Toch zoek je tussen het publiek en wanneer we dan onder die boog door komen krijg ik het ook zwaar, de emoties beginnen toe te slaan, ik sta op het punt om over de finish te komen van mijn 8ste marathon. En dan ligt daar een blauwe loper en is de finish in zicht, Richard krijgt er ook wat meer energie door. We zijn er bijna! In dat laatste stukje kijk ik nog een paar keer naast me om te zien of alles nog steeds goed gaat met mijn loopmaatje en dan staan we inene aan de andere kant van de finishmat en laten we ons in elkaars armen vallen. Ietwat verdwaasd nemen we onze medailles in ontvangst en schuifelen richting uitgang. Richard bedankt me voor het feit dat ik de hele tijd bij hem ben gebleven want hij had het echt heel zwaar en had me heel erg nodig. Ik bedank hem op mijn beurt voor de gezelligheid en de fijne marathon.
We halen onze kleding op, kletsen wat en trekken wat droge kleding aan. Samen lopen we richting de tram. Ik ga terug naar de Linkeroever omdat onder andere Wilbert daar zal starten en finishen tijdens de 10EM en Richard moet terug omdat zijn auto daar nog staat. De lijdensweg van Richard zit er nog niet op, de kramp schiet er steeds in dus we wandelen steeds kleine stukjes. De tram is afgeladen dus we hoeven ons amper vast te houden, kunnen toch geen kant op. Ik sta lekker ontspannen m’n ontbijtkoek te eten en Richard staat geheel gespannen naast me. Op de roltrap besluit de kramp weer toe te slaan maar gelukkig op het moment dat ik net achterom kijk, ik kan Richard net bij z’n arm pakken en met zijn andere hand kan hij zichzelf ook net opvangen aan de reling. Schrok me rot! Samen schuifelen we weer naar het startgebied waar we dan toch echt afscheid moeten nemen. Wederom een knuffel en dan gaan we weer onze eigen weg.
Bij de startvakken ga ik op zoek naar Wilbert en ondertussen heb ik contact met Edwin. Die verteld me dat de app schijnbaar van slag was want Meike dacht dat ik was uitgestapt. Dat gaf de app aan namelijk. Mooi niet dus! Ha!
Wanneer ik het zoeken naar Wilbert opgeef kom ik Nydia, Maaike en Rianne tegen (volgens mij was er minimaal nog iemand bij maar dat verteld m’n geheugen me niet). Wanneer Nydia me ziet kijkt ze verbaasd naar m’n medaille, ik begin te lachen en zeg nee ik ben niet uitgestapt! Tijd om te kletsen is er niet want ze moeten het startvak in, dus we houden het bij knuffels, felicitaties en gelukswensen. Ik loop door en zie dan Andrea, Meike, Linda en nog meer Anita-meisjes. Wanneer Andrea me ziet begint ze te gillen van blijdschap. Ik show al van een afstand m’n medaille en de tranen branden. Ik omhels de meiden en verteld vol trots dat de app fout zat. Andrea moet lachen omdat ze ziet dat ik zulke waterige ogen krijg en semi-stiekem sta te trillen van de emoties. Meike voelt zich schuldig over de paniek die ze heeft veroorzaakt over m’n dnf (did not finish) die dus niet zo was en waar zij helemaal niks aan kon doen. Later begreep ik ook van Niels dat er ook een dns (did not start) heeft gestaan achter mijn naam dus tja.
Samen met Michel (man van Meike) en de man van Linda loop ik naar de start. Op het puntje van m’n tenen kijk ik hoe al deze lopers van start gaan en dan inene spot ik Wilbert. Ik roep hem en hij ziet me. Hij zwaait en ik zie een glimp van trots en ook soort van opluchting dat we elkaar toch even hebben gezien, of zo ervaar ik het in ieder geval haha. Dan is het wachten op alle Anita-meisjes. Ondertussen doe ik ook maar even een trainingsbroek aan en kom ik tot de ontdekking dat ik een joekel van een blaar aan de zijkant van m’n voet heb, ja die sok zat dus echt niet zo lekker. En gelukkig maar dat ik er toen niks aan had gedaan want als ik toen al een blaar had en dat had gezien had ik heel anders gelopen. Gezamenlijk lopen we naar de stand van Anita in het bedrijvendorp. Pff wat een eind lopen en wat onoverzichtelijk. In m’n eentje had ik dit volgens mij nooit gevonden. Daar raak ik in gesprek met een man die uiteindelijk mijn gegevens noteert, ‘of ik misschien een keer mee wil doen met het Anita team?’ ja hoor dat lijkt me wel wat!
Mijn gegevens worden doorgespeelt naar Marjon, die ik dus al had gesproken bij de start van de 10EM blijkt nu.
Wanneer ik zie dat Wilbert elk moment kan finishen wandel ik richting finishgebied. Daar blijkt dat ook hele grote en onoverzichtelijke boel te zijn maar dan toch spot ik hem inene. We kletsen lekker bij , maken een selfie en wandelen weer terug richting Anita. Daar wachten we op alle bekenden. Niet lang nadat Maaike, Rianne en Nydia binnen zijn gaat Wilbert richting de trein, ook Rianne blijft niet al te lang plakken nog. En uiteindelijk blijf ik als laatste gast plakken met het laatste plukkie meiden (en daarbij horende heren). Gezamenlijk lopen we naar de tram om daar een kleine chaos te treffen. Ik merk dat ik daar geen geduld voor heb, ik blijf liever in beweging. Ook krijg ik de indruk dat Meike en de rest heel ergens anders heen moeten dan waar ik heen moet dus als blijkt dat we nog wel een tijdje op de tram moeten wachten besluit ik aan de wandel te gaan. Dus ik loop het hele stuk weer terug en stuit dan wederom op een rij, dit keer bij de St. Annatunnel. Maar ook bij de andere halte van de tram staan dikke rijen dus ik sluit maar aan bij de rij van de tunnel. Blijkt deze gewoon heel snel te gaan. Dus binnen een paar minuten sta ik alweer op de roltrap. En vervolgens loop ik om half 8 de Starbucks in het station binnen. Ook hier staat een rij, allemaal mensen met de medaille van de 10EM om hun nek. Wanneer ik aan de beurt ben vraagt de jongen vanachter de balie of ik de winnaar ben, ik heb namelijk een veel grotere medaille om dan de rest, ik lach, haal m’n schouders op en zeg lekker nonchalant ehm ach ja….waarop de jongen zegt dat die allergrootste cappuccino die ik net heb besteld, die krijg ik van hem. Weer moet ik lachen en verbaasd bedankt ik hem. Wanneer mijn worteltaart en cappuccino wordt aangereikt wordt ik omgeroepen als “Eva, winnaar”. Haha dat stond niet op de beker toen ik nog bij de kassa stond.
Helaas draait er weinig in de bioscoop vanavond maar aan de andere kant verwacht ik dan toch snel in slaap te vallen dus ik kijk gewoon wat tv op de kamer en besluit vroeg te gaan slapen. En vervolgens is het inene 12 uur geweest, oh.
pixlr_20170528205453534
Maandag
De beentjes voelen goed, tuurlijk wel een lichte spierpijn in m’n bovenbenen, ik heb tenslotte wel 42,2 km gerend. Maar dat is het dan ook wel, tot nu toe.
Trap af met rugtas gaat ook prima, zelfs het laatste stukje waarin ik bijna klem zit omdat een vader en twee zoons ook zo nodig de trap naar boven nemen. Of je wacht gewoon even…ach ja.
Ik check uit en vraag tot hoelaat ik mijn tas hier kan laten. Tot zolaat je wilt zegt het meisje. Oke tot een uurtje of half 6 dan! Blij huppel ik naar buiten. Ik ga naar de dierentuin! Oehhh daar kijk ik al maanden naar uit! Wanneer ik bijna de straat uit ben besef ik me dat m’n kaartje nog in m’n rugtas zit….zucht. Dus 5 minuten later loop ik alsnog de straat uit. Op naar de ZOO!
Het is half 11 wanneer ik binnenloop en meteen al besef ik dat er heel veel schoolkinderen zijn. Heel veel, en bij bijna allemaal staat het volume op het hoogst en zijn ze irritant. Ik denk bij mezelf, ik loop me hier maanden op te verheugen, al maanden brandt dat toegangskaartje in m’n (virtuele) zak en dan krijg ik dit? Ik moet even de knop omzetten, moet dit van me afschudden want ik ben niet van plan om m’n dag hierdoor te laten verpesten. Ik maak wat foto’s van de flamingo’s en andere vogeltjes en dan draai ik me om en loop de andere richting in want het merendeel van het krijsende grut loop die ene kant op. Ik loop naar de Okapi, wat is dat toch een bijzonder dier. Ze oogt zo lief en mysterieus. Daarna loop ik een gebouwtje binnen en prompt sta ik bij de koala’s binnen. Ze slapen allebei nog maar oh wat zijn ze schattig! Nog nooit eerder zag ik een koala in het echt dus dit was 1 van de redenen waarom ik me hier zo op had verheugd. Ik besluit vanmiddag terug te komen in de hoop dat ze dan wakker zijn. Ik wandel verder door de ZOO en loop langs wat aapsoorten, zeehonden en de olifanten. Ik kom langs de leeuwen die hier onder andere een groot grasveld hebben, via de stokstaartjes kom ik bij de roofvogels en de uilen. Ook deze dieren zijn favoriet. Via de, ook slapende, rode panda’s, de katachtige zoals jaquar & amoerpanter en de volières met allerlei prachtige gekleurde vogels kom ik bij de zeeleeuwen. Er wordt een show gegeven, ik wil even binnen zitten om iets op te warmen en een beetje rust te vinden dus besluit de show bij te wonen. Ik zit dus in een zaal vol met kinderen en een aantal leraren/oppasouders. Ja sukkel wat dacht je dan? Tuurlijk zit je hier tussen de kinderen. Gelukkig valt het mee met het gegil en duurt de show misschien hooguit maar een minuut of 10. In dit zelfde gebouw bevind zich ook het nachtverblijf dus op naar de Lori’s. Vanwege deze diertjes ben ik hier. Ooit heel lang geleden, ik gok dat ik een jaar of 14 was, kwam ik een foto tegen van een baby lori. Welke soort lori het was weet ik niet meer maar vanaf dat moment was ik fan. In 2006 was ik ook hier in deze ZOO en zag ik voor het eerst een lori in het echt en werd echt helemaal hyper, wat een leuke beestjes! De Lori’s die hier zitten zijn slanke Lori’s. Ze hebben ook een plompe lori maar die heb ik niet gevonden in het struikgewas. Wanneer ik hier sta, bij al die kleine Lori’s, voel ik hetzelfde rustgevende gevoel als wanneer ik met m’n snuitje tegen het glas gedrukt sta te staren naar haaien. Alleen zijn deze diertjes zelfs grappig. Uiteindelijk weet ik mezelf los te trekken en wandel langs het aardvarken en een aantal andere nachtdieren. Ik ga het reptielenhuis in. Brilkaaimannen, diverse kikkers, hagedissen, leguanen, spinnen en schorpioenen. Wanneer je richting uitgang loopt is er een gedeelte waar leguanen en schildpadden vrij rondlopen en diverse vogeltjes vrij rondvliegen. Hierna loop ik langs dieren die ik al eerder heb gezien, terug naar de koala’s. Tot mijn vreugde zijn ze wakker, beide zitten lekker eucalyptus bladeren te eten. Het vrouwtje Guwara klimt op een gegeven moment naar beneden en gaat op een ander plekje zitten. Langs een boomstam houdt ze oogcontact en dan zie ik inene een straaltje vocht langs een andere stam naar beneden lopen. Zit die kleine boef gewoon te plassen daar. Hierna klimt ze weer naar boven om verder te eten. Vervolgens ga ik naar de vlindertuin en vrijwel meteen blijft er een grote vlinder (Parantica Vitrina) om me heen dwarrelen om uiteindelijk in het midden van m’n bril te landen. Later loop ik ook minutenlang met een grote Blauwe Morpho op m’n arm in de rondte, die ik uiteindelijk met moeite zover krijg om ergens op een blad te gaan zitten. Dan nog even terug langs de koala’s en dan langs de wasbeertjes, die ik eerder niet kon vinden maar het blijkt dat er een holle boomstam in het verblijf ligt en daar zitten ze dus vaak in. Dan langs de pelikanen en de nijlpaarden, beverratten, tapirs, neusbeertjes en weer terug naar de Lori’s. Wanneer ik na half 5 richting uitgang loop zie ik iets met een zebra-print en bedenk me dan dat ik helemaal geen zebra’s heb gezien, of giraffes. Nou zag ik wel dat er nog een gedeelte verbouwd wordt en er bepaalde dieren momenteel niet ‘zichtbaar’ waren dus denk dat dat dus de missende dieren zijn. Wanneer ik door het draaipoortje van de uitgang loop besef ik me dat ik het volledig vernieuwde gigantische aquarium ben vergeten! Ik probeer een dierentuin bezoek altijd te eindigen met het bezoek aan het aquarium vanwege de haaien en nu vergeet ik het gewoon compleet. Nou had ik toch allang besloten om hopelijk dit jaar nog nog eens terug te komen naar deze stad inclusief bezoek aan de ZOO, dus het komt wel goed.
Ik haal m’n tas op in het hotel en eet wat bij een McDonalds. Daarna zit ik natuurlijk weer veels te wachten op de Thalys om weer richting huis te gaan.
pixlr_20170528211306920
pixlr_20170528211641514

Ik heb genoten van mijn lange weekend weg en wil dit soort dingen echt vaker gaan doen, met of zonder marathon. Ook van de marathon heb ik zo ontzettend genoten, ik had dan natuurlijk ook een fijn loopmaatje.
Oh en we hebben er 4 uur, 29 minuten en 52 seconden over gedaan.

2017 – Pre marathon movement

 

pixlr_20170329194731589
Januari – Halve Marathon Egmond

Januari, tijd voor het eerste loopevenement van het jaar. De weersomstandigheden zijn perfect, het is droog, vrijwel windstil, het strand is vlak en het is zelfs eigenlijk een tikkeltje warm. Maar m’n conditie is ruk dus ik ga alles behalve snel of ook maar lekker. Wel blijf ik positief, elke keer als ik door een bekende wordt ingehaald en die me vraagt hoe het gaat kom ik maar tot één conclusie: ik loop nog! Ik zie je/jullie straks!

16143433_1297093663663305_6147415802587112362_o
Januari – Cheeren tijdens de Vondelparkloop

 

 

 

pixlr_20170329194934209
Februari – Midwinter Marathon Apeldoorn (Asselronde 25km)

Februari, weer een klein stukje verder dan de halve marathon. Onverwachts speel ik voor chaperonne voor Kim. Die zit een beetje met haar gezondheid dus ik blijf de hele weg bij haar. We lopen lekker en het gaat prima, alleen in de laatste twee kilometer krijgt Kim het zwaar en na de finish moet ik haar ook even ondersteunen. Ondanks dat een zeer geslaagde loop voor ons beide.

pixlr_20170329195146347
Februari – Pop Up Runs Almere (Amsterdam CS – Almere Muziekwijk)

Zelfde maand, weer een paar kilometer verder. Die kilometers zijn op zich het probleem niet, het is mijn conditie, snelheid en mijn extra kilo’s die het me alles behalve makkelijk maken. Maar met vooral de steun van Ferdi redt ik het dan toch weer tot het eind.

pixlr_20170329195521790
Maart – CPC Halve Marathon

Maart, maar weer eens een halve marathon dan. Wat een gezelligheid zo met de BTG met zo’n 400 mensen! En poeh wat een weer, ja voor mij natuurlijk alweer veels te warm. Ik ga van start met Petra maar ik hou haar niet lang bij. Ik heb het zo ontzettend zwaar. Dus na 2 uur en 9,5 minuut kom ik over de finish, tegen de highfive van Ton en de cameralens van Ramiro aan.

Maart Lenteloop Almere
Maart – Lenteloop Almere

Maart, tijd voor de Lenteloop, 3 Rondes van 10km. Ik loop samen met Els, twee rondes lang kletsen we lekker en lopen we boven verwachting, van ons beide overigens. De wind maakt het ontzettend zwaar en we zijn dan ook blij wanneer we die derde ronde ingaan. In de laatste kilometers moeten we elkaar toch wel lichtelijk oppeppen want de benen willen niet echt meer. De route zit vol met bruggen, viaducten en meer van dat soort grappen en dan dus die keiharde wind. Maar we komen dik tevreden over de finish!

pixlr_20170329200014145
Maart – Zandvoort Circuit Run

Maart, Zandvoort Circuit Run. Dit jaar is er voor het eerst ook een halve marathon maar ik hou het lekker bij de 12km. Ik vind het een leuke route en hij is al pittig genoeg zo met het circuit en strand. En ik loop ein-de-lijk weer eens lekker en een redelijk tempootje.

pixlr_20170516200448744
April – Lentemarathon Amstelveen

April, derde halve marathon van het jaar. Ik loop lekker, kom onderweg Francien nog tegen en loop daar een stuk mee op. Ze verdwijnt even en zegt ik zie je straks! Maar heb haar helaas niet meer gezien. Ik loop nog steeds op ‘veilig’, ik push mezelf niet om sneller te lopen maar voor het eerst haak ik af en toe bij iemand aan om daar een tijdje mee op te lopen, om mezelf toch lichtelijk te triggeren om meer te geven dan ik doe. Nog steeds niet binnen de twee uur maar ben tevreden over mijn prestatie.

 

FB_IMG_1492010154872
April – Cheeren tijdens de Rotterdam Marathon

 

 

 

pixlr_20170516200612080
April – Utrecht Urban Trail

April, lachen gieren brullen tijdens deze funrun. Ik loop samen met Edwin en Andrea en we gieren het uit. Erg leuk om door allerlei gebouwen te rennen (of wandelen), zoals de Schouwburg, kerken en de gevangenis. Mijn laatste loop voor de marathon dus met veel lol afgesloten.

Up next: de marathon van Antwerpen, geen tijdsdoel, gewoon lekker lopen…..

 

Bredase Singelloop

Zondag 2 Oktober 2016

Vandaag is het de dag van de Bredase Singelloop. Voor mij wordt dit de eerste keer dat ik hieraan deelneem. Ik meldt me aan bij de balie van Meeùs, neem wat te eten en te drinken en wacht op Joanna.
Wanneer Joanna en haar dochter Kim er ook zijn kleden we ons snel om, voegen we ons bij de andere Meeùs-lopers voor een groepsfoto en begeven we ons naar de startvakken. Na veel langer wachten dat gedacht gaan we van start van deze 5km. Het plan is om een zo snel als mogelijke tijd neer te zetten vanmorgen om mijn energie kwijt te raken. Ik vind het geen fijn parcours, heb een droge keel en heb last van de vele schoolkinderen die mee doen, me in de weg lopen en naar mijn mening iets teveel geluid maken. Na 25 minuten en 50 seconden kom ik over de finish en wacht op Joanna en Kim.

pixlr_20161204131316689

Terug in de lounge van Meeùs kletsen we wat na, eten en drinken we weer wat en maken Joanna en ik ons op voor de volgende ronde. Dus wederom een groepsfoto en na wat aanmoedigingen voor de lopers van de 10km (waaronder Lianne) wandelen we weer richting startvakken, waar we Wilbert ook treffen. Dit keer voor de halve marathon. We zijn van plan om samen te lopen en ik ga proberen Joanna naar haar snelste tijd op deze afstand te helpen.
Ik ben iemand die zo snel als mogelijk start en zich later overgeeft aan verval. Dat is dus iets wat ik nu niet moet doen.
Het startschot gaat en we zijn weg. Omdat we zo druk aan het kletsen zijn let ik totaal niet op. Joanna is degene die moet aangeven dat we veels te snel gaan, tot twee keer aan toe. Ja lekkere pacer ben ik. Rimco komt voorbij en heeft er duidelijk zin in, hij loopt vandaag zijn eerste halve marathon en hoopt binnen de twee uur te finishen. Dan wordt mijn naam nogmaals genoemd, dit keer is het Ton van Runner’s World.
pixlr_20161204131538180
Ondertussen lopen Joanna en ik op een beter tempo. We vermaken ons prima, we kletsen er druk op los, hebben lol, er is interactie met het publiek en met mij lichamelijk gaat het ook goed. Ik let totaal niet op mijn horloge dus qua tempo doen we gewoon maar wat. Ja ja ik ben een slechte pacer vandaag. Achter ons horen we de fluitjes en het ‘geschreeuw’ van de voorfietsers, dit betekend dat de toplopers eraan komen en wij, ‘het gewone volk’, aan de kant moeten. Met nog 1 man achter ons zijn wij de laatste lopers. Ik ga voor Joanna lopen zodat de toplopers genoeg ruimte hebben. Normaal moeten wij rechts lopen maar dit keer lopen we links. De toplopers passeren ons dus aan de rechterkant en alle bochten gaan naar links dus ik wil ze zo min mogelijk in de weg lopen en kijk dus de hele tijd om of er iemand aankomt. De fietsers die de bezemwagen vormen geven aan dat ik dit echt niet hoef te doen, ze hebben ruimte zat om me te passeren.
Het vervelende van op een lager tempo lopen tijdens een wedstrijd met een groot gat tussen jou en de mensen voor je én gepasseerd worden door hele snelle mensen is dat ik gedreven wordt om sneller te gaan. Om m’n eigen tempo te zoeken. Ik moet ontzettend inhouden en dat gaat me steeds moeilijker af. Nu moet ik steeds omkijken of ik niet te ver van Joanna vandaan loop. Dus soms loop ik wat achteruit en soms stop ik gewoon even op de stoep. Wanneer het besef komt dat we ‘pas’ op 7km zitten begin ik me ondanks de hilariteit hierom en de meligheid toch wel een beetje ellendig te voelen. Dit gaat een lange dag worden besef ik me. Fysiek gaat het prima, nergens last van, maar mentaal begint het een slachtveld te worden. Joanna weet dit en geeft al aan dat ik gewoon m’n eigen weg moet gaan als ik het niet meer vol kan houden. Vooralsnog wil ik dit niet. Ik heb gezegd dat we samen gaan lopen dus dan doen we dat. Ondanks het feit dat we beide allang weten dat die streeftijd niet meer gaat lukken. We hebben qua conditie geen goede dag, maar gezellig is het wel.
Vlak na dat fijne besef van die 7km staat ‘onze’ fotograaf Wietse klaar om ons vast te leggen.
pixlr_20161204124117231
In de volgende kilometers begin ik me ongemakkelijk te voelen bij de lieve aanmoedigingen van het publiek: hou vol meiden! Jullie kunnen het! In mijn hoofd geef ik steeds snauwende antwoorden: ja duh tuurlijk kan ik het! Ik hoor hier niet achteraan te lopen!
Nou ben ik zelf ook niet bijzonder snel ofzo en wil graag Joanna naar een nog mooiere tijd helpen en doe ik het met liefde maar vandaag voelt het duidelijk niet goed, of de afstand is teveel voor mij om dit te doen en ons tempo te verschillend? Ik weet het niet maar vandaag hou ik het jammer genoeg niet veel langer meer vol.
Op 9km spreken we af dat we op 10km uit elkaar gaan, dat is ook de splitsing voor de tweede ronde en de finish. En dan staat Wietse er nogmaals om ons nog een keer samen vast te leggen op de gevoelige plaat, oke digitale plaat dan.
pixlr_20161204124642858
We naderen ons eindpunt en de mensen roepen de meest lieve dingen maar ik kan alleen maar naar beneden kijken, het voelt zo niet goed. Ik kom aan op het plein en stop, ik zie verbaasde blikken in het publiek. Joanna en ik omhelzen elkaar, wensen elkaar succes, bedanken elkaar en geven elkaar een dikke kus en dan zet ik een sprint in. Ik ga ervandoor. Ik hoor mensen schreeuwen en een aantal juichen. Dit voelt fijn, even laten zien wat ik kan haha. Alleen loop ik op mijn Lunarglides en die zijn vrij glad aan de onderkant en loop ik over grote keien die natgeregend zijn. Ik verwacht ieder moment op m’n muil te gaan maar ga gewoon door. Wanneer ik door de bocht ben doe ik even wat rustiger aan, ik moet tenslotte nog 11km. Wel loop ik op mijn eigen tempo en het is grappig om de verbazing op de gezichten van het publiek te zien. Hoezo loopt zij achteraan als ze op dat tempo loopt? Mensen moedigen me nu heel anders aan. Sommige pushen me om de mensen voor me in te halen en wanneer ik dat doe hoor ik hard gejuich achter me. Ik heb lol, ik voel me een stuk lekkerder zo ookal vind ik het echt heel erg jammer dat ons doel niet bereikt is. We hebben het een keer eerder gedaan op de 5km, dat ging goed (al raakte ik Joanna kwijt in de laatste 100meter…..) en liep ze inderdaad een pr.
Op een gegeven moment lopen de achterste lopers en ik aan weerskanten van het water. Ik speur de mensen af op zoek naar Joanna. Wanneer ik haar heb gevonden roep ik haar, na een paar keer kijkt ze op en vind ze mij ook. We zwaaien en blazen handkusjes naar elkaar, ja we zijn een stel sentimentele mutsen.
Weer kom ik langs Wietse die ook zeer verbaasd kijkt omdat ik inene alleen loop.
14543794_548194335382418_8795416540955935191_o
Ik kom over de finish met een tijd van 2:16:54 (± 1:15 voor de eerste 10km en ±1:02 voor de laatste 11,1km). Het weer is behoorlijk verslechterd in de tussentijd maar ik wil perse wachten op Joanna dus ik frunnik een warmhoudfolie los van de hekken en ga onder een afdakje staan. Hier spreek ik Ton ook nog even, hij heeft zijn zus naar een mooie tijd geholpen. Na een tijdje komt er een man van het Rode Kruis bij me informeren hoe het met me gaat, ik wordt hier altijd wat geïrriteerd om want wordt nou eenmaal niet graag geholpen als ik hier niet om vraag dus ik probeer zo beleefd als mogelijk aan te geven dat alles goed gaat. Hij vraagt me waarom ik hier sta………..oh komt de bus hier niet dan? Ja jemig waarom denk ik nou dat ik hier sta? Ik mag mee naar voren om m’n vriendin meteen te kunnen omhelzen zodra ze binnen is. Dat is lief maar ik verbaas me er wel over. Niet vanwege het feit dat je niet pal achter de finish mag wachten (er is ondertussen nog een andere afstand bezig en die mensen beginnen nu over de finish te komen) maar meer vanwege het feit dat deze meneer zich ietwat zorgen maakt om me terwijl ik onder een afdakje sta en ik nu in de volle regen bij de finish mag gaan staan…..die logica ontgaat me even. Maar goed ik ga lekker vooraan staan.
Wanneer Joanna over de finish komt loopt ze me bijna voorbij, ze verwacht niet dat ik er nog sta en dacht me, bleek later, ook te hebben zien staan bij de Meeùs lounge die langs de route staat.
We nemen onze tweede medaille van de dag in ontvangst en lopen druk kletsend terug naar Meeùs. Ook zei vraagt of het wel goed met me gaat want ik heb schijnbaar geen kleur meer in mijn lippen. Ohhhh vandaar dat die Rode Kruizer even polshoogte kwam nemen bij me.
20161204_125259
We hebben dan weliswaar niet ons doel gehaald om de hele weg samen te lopen én om Joanna d’r pr te verbeteren maar we hebben wel een onwijs leuke dag gehaald.
Minpuntje is alleen wel dat ik nu verga van de pijn in mijn linkervoet. Ik had al wat last sinds de marathon maar het is nu zodanig dat ik niet meer normaal op mijn voet kan staan en lopen is ook niet fijn. Maar ja we zullen het zien, voorlopig maar wat rust pakken.

Oh en Rimco? Ja die heeft zijn eerste halve marathon binnen de twee uur gelopen! Gefeliciteerd!

Dam tot Damloop 2016

18 September 2016
Het is een week na de marathon in Litouwen en vandaag zal ik alweer aan de start verschijnen van de Dam tot Damloop. Ik loop meestal wel een 10km wedstrijd een week na de marathon maar dan was ik én fitter én het is toch 6km minder dan wat ik vandaag zal lopen.

Nadat ik ben omgekleed en m’n spullen heb weggebracht ga ik op zoek naar Niels. Wanneer ik hem vind blijkt hij al in gezelschap te zijn van de twee Junkies Wilbert en Erwin en een hoop anderen zoals Petra, Meike, Joke, Marleen, Patty en Kenny. Dat zijn een hoop vliegen in één klap. Wilbert omhelst me, gooit me haast de lucht in en noemt me de ‘Heldin van Vilnius’. Na wat korte gesprekjes met iedereen valt de groep uit elkaar, ieder gaat z’n eigen weg want we staan allemaal in verschillende startvakken. Ik loop met Niels en Joke naar de start. Niels heeft met Chiel afgesproken want die staan in hetzelfde startvak, 1 of 2 vakken voor mij. Wanneer ik in mijn vak ga staan spot ik vrijwel meteen Marino (Junkies Den Bosch) en Stefan Hiemstra, gezellig! En ook ik wordt gespot, door Maaike uit Almere.
pixlr_20161130215932354
En dan gaan we na altijd veels te lang wachten (nee ik ben niet ongeduldig ofzo) van start. Ik heb geen doel vandaag, buiten het uitlopen en het omhangen van m’n medaille na dan dus ik loop gewoon op gevoel. En eigenlijk gaat het prima. Net als altijd jaag ik aan de linkerkant om erlangs te kunnen en een lekker plekje te vinden. Als ik de bocht richting IJtunnel neem stap ik even op de stoep om nog meer mensen te passeren. Hierdoor kom ik dus met hoofd en schouders boven de anderen uit, eindelijk, waardoor Ada mij weet te spotten. Ik ben me helemaal niet bewust van Ada’s aanwezigheid dus ben zeer blij verrast wanneer ik mijn naam hoor, of eigenlijk: Yo Eef!!! Ik lach, zwaai en roep iets terug. Lachend ren ik de tunnel in. Toch jammer, als ik het had geweten was ik rechtsom gegaan en even gestopt voor een knuffel.
Tot een kilometer of 6 loop ik prima maar dan begint het verval toch echt al toe te slaan. Ook Marino komt me voorbij, nou is dat niet zo gek want hij is nou eenmaal een stuk sneller dan dat ik ben. Ik probeer het even maar kan hem echt niet bijbenen dus geef aan dat hij gewoon echt zijn eigen tempo moet gaan lopen want ik merk aan hem dat hij zich wat in houd voor me.
De temperatuur begint ook op te lopen maar ik ben ondertussen al dik over de helft. Ik ben onderweg naar de Cheerzone van de Junkies. Hier kijk ik altijd ontzettend naar uit maar vandaag vooral. Ik heb ze nog niet gezien na de marathon en vandaag heb ik het toch best zwaar dus kom maar op met die dosis energie!
Ik zit op 14km met dus nog maar een kilometer te gaan tot ik bij de Junkies ben. Het gevecht begint steeds heftiger te worden, man oh man wat een afstand. Ik heb het idee te sloffen en dat ik haast moet gaan kruipen. Intern probeer ik me dus ook ontzettend op te peppen en daar ben ik bijzonder druk mee bezig. Mijn gezicht staat ongetwijfeld ook op onweer en ik let totaal niet op de mensen die langs de kant staan. Dus wanneer Mireille m’n naam noemt en me aanmoedigt kost het me dus ook moeite om me los te maken van mijn gedachten. Nog net voordat ik haar echt ben gepasseerd roep ik nog snel oh hey! Dank je!
Ik nader de Junkies, ik voel het in mijn hele lichaam. Zoals altijd ga ik helemaal links lopen zodat ik voor de oplettende Cheering Junkie goed in zicht loop. Ik steek m’n armen in de lucht en bijt op m’n lip. Emoties voeren de boventoon. Ik lach maar voel ook de tranen branden. Tranen omdat ik vorige week een marathon heb gelopen en dat met hen wil delen, tranen omdat ik van de Junkies hou en altijd blij ben ze te zien (wie er ook staat, want dat weet ik op dit moment nog niet eens), tranen omdat ik het zwaar heb vandaag en steun nodig heb en gewoon simpelweg tranen van geluk. Maar ik hou het bij blijdschap zonder tranen. Ik schiet voorbij, dwars door de Cheerzone, door de geluiden van aanmoediging, door de confetti, langs de high-fives en de camera van Seth. Ik zie er waarschijnlijk uit als een breedbekkikker wanneer ik voorbij ben, zo groot voelt mijn glimlach aan maar schijnbaar heb ik hiermee mijn laatste beetje energie/kracht verspild.

pixlr_20161130215245620

Iets verderop zie ik aan de rechterkant mijn vader en zijn vrouw staan, ik duik naar hun kant en blijf bij ze staan. Even in het hek hangen, even kletsen met pappa en Esther, gewoon even bijtrekken. Ik ga toch niet voor een bepaalde tijd, het is nog vroeg op de dag en ik ben er tenslotte toch al bijna dus een paar minuutjes aan de kant staan maakt me niet uit. Oke nog een kilometertje te gaan en dan zit het erop. Zoals altijd ga ik er weer op een te hoog tempo vandoor waardoor ik al heel snel weer op m’n slof-tempo beland. Op het laatste pleintje krijg je toch altijd weer extra energie van al die mensen die je richting het laatste stuk schreeuwen. Toch hoor je vaak wel het verschil tussen onbekenden die je naam roepen en een bekende die je naam roept. Sabrina, mijn klasgenootje van de basisschool, heeft me gespot. Super leuk om elkaar zo even snel te zien tussen die mensenmassa, zowel op als naast het parcours.
Nog 1 bocht en dan het laatste lange stuk. Ik pers er nog een luttele versnelling uit en dan zit het erop. Ik krijg m’n medaille omgehangen en loop opgelucht richting kledinguitgifte. Daar loop ik Henk uit Almere nog tegen het lijf, altijd gezellig!

pixlr_20161130215807000
Pappa en Esther staan me hier ook op te wachten. We kletsen lekker bij over mijn avontuur in Litouwen en hun vakantie. Ik spot Marlous en Thomas nog even die na een knuffel en een kort babbeltje weer verder gaan. Dan komen Mari, Gaby en Rob ook aangelopen en niet lang daarna is Udjen er ook.
Wanneer pappa en Esther naar huis zijn en wij allemaal onze spullen hebben verdwijnen we naar het businesspark. Daar spreek ik meerdere Junkies, herenigen we ons met Lianne en staat ook Edwin inene voor m’n neus, jeejjj!
Na wat danspasjes is het toch echt tijd om richting huis te gaan.

pixlr_20161130215428530

Ik ben blij met m’n medaille en tevreden met de prestatie van vandaag. Maar denk niet dat ik nog zo gauw meer dan 10km aan één stuk zal lopen in de week na een marathon.

img-20160918-wa0017

Mijn zevende marathon: Litouwen

Woensdagmiddag 7 september

Stefan, Gerben en ik reizen af naar Station Weert, het mooiste stationnetje dat ik ken, en worden daar opgewacht door de zus van Gerben. Met de auto rijden we door naar Ospel, waar de ouders van Gerben wonen. Mamma Gerben heeft al een heel feestmaal voorbereid en we worden met open armen ontvangen. Nadat we onze magen met lekker eten hebben gevuld en lekker over van alles en nog wat hebben gekletst krijgen we van Gerben een rondleiding door zijn oude woonplaats. De plek waar hij is opgegroeid. Overal zit wel een verhaal aan vast. Erg leuk om zo door een woonplaats te wandelen en al die verhalen te horen. Eenmaal terug kakken Stefan en ik aardig in dus we liggen op tijd in bed, alleen kletsen we daar toch nog even door. Blijft gek zoiets, onwijs moe zijn maar als je dan in bed ligt toch hele verhalen op weten te drommen.
De volgende ochtend gaat de wekker al zeer vroeg. Omstebeurt sluipen we de trap af naar de badkamer en vervolgens richting keuken. We ontbijten, pakken onze koffers en wandelen richting bushalte. Hop de bus uit en de trein naar Eindhoven in, daar de trein weer uit en de bus naar Eindhoven Airport in.
Daar treffen we Lennert en Annemijn. Gerben en ik zijn als eerste door de douane. We zien dat er een probleem is met het poortje waar Lennert en Annemijn doorheen willen. Ze worden na controle van hun ticket doorgelaten door een grondstewardess. Ook Stefan wilt door datzelfde poortje en ook dat gaat niet goed. Dus ook hij loopt naar de grondstewardess. We staan er allemaal bij (op een afstandje dan) en kijken ernaar. Niemand kan het gesprek tussen mevrouw de grondstewardess en Stefan horen dus het enige waaraan we zien dat er iets mis is is het gezicht van Stefan. In de paar seconden dat het duurt zien we dat het goed mis is. Stefan kijkt alsof…..ja alsof wat eigenlijk? Dan pakt hij pijlsnel zijn ticket weer aan, pakt z’n koffer en….rent weg?!
Ehm…..
Lennert krijgt van de grondstewardess te horen dat er iets mis is met zijn ticket. Iets met een verkeerde vlucht zegmaar.
Geen van ons allen weet goed hoe te reageren. We lachen maar voelen ons ontzettend rot. En wat moeten we nou doen? Wachten? We besluiten unaniem om sowieso deze vlucht te pakken en af te wachten of Stefan ook nog mee kan met deze vlucht. Wanneer we in het vliegtuig zitten krijgen we te horen dat de vlucht vol zit (beetje vervelend dat we omringt zijn met lege stoelen de gehele vlucht..) en dat hij zaterdag pas kan vliegen.

We landen op Vilnius en we pakken een mini-busje naar het centrum. Daar vraagt Gerben de weg aan iemand dat wel the coolest kid in town moet zijn met z’n uber vette Optimus Prime tattoo op z’n kuit. We zijn iets te vroeg dus duiken een falafel tent in.
Eenmaal in het appartement wordt de kamerverdeling gemaakt en ploffen we allemaal onze spullen en onszelf ergens neer. Dan maar eens even de boel verkennen. We wandelen door mooie straatjes, drinken koffie bij één van de tig koffietentjes, pakken een terrasje, doen boodschappen en gaan om 10 uur ‘s avonds maar eens koken.
Ondertussen krijgen we te horen dat Stefan toch morgenmiddag al aankomt en besluiten we dat we in de ochtend het concentratiekamp Paneriai te bezoeken. Deze twee dingen staat overigens totaal los van elkaar..
Ik stuur een berichtje hierover naar mamma en zij verteld me dat de kans erin zit dat opa hier heeft gezeten. Opa heeft in meerdere werkkampen gezeten in onder andere Litouwen. Dit maakt het voor mij een stuk moeilijker. Dit wordt ook mijn eerste keer dat ik zo’n kamp zal bezoeken dus ik was al nerveus.
Na het ontbijt vertrekken we naar de bus. Na een stuk of tig haltes stappen we uit en blijken we wel de juiste lijn te hebben maar zijn we de verkeerde kant op zijn gegaan. Dus hop de bus weer terug en we beginnen gewoon opnieuw. Eenmaal bij de juiste halte is het weer zoeken geblazen, vanaf hier moeten we een stukje lopen. Dit ‘stukje’ mondt uit in zo’n 5 kwartier dolen door het immense bos. Lang leve Google Maps komen we dan toch uit waar we wezen moeten. Ik ben best wel spiritueel ingesteld dus onderweg praat ik tegen opa, of hij wel bij me wilt blijven en me wilt steunen wanneer het me teveel en/of te zwaar wordt. Verder probeer ik zoveel mogelijk om m’n gevoelens uit te schakelen en twijfel ik of ik me wel of niet moet openstellen, om m’n spirituele deurtje op een kiertje te zetten of niet. Het is een mooi park. De zonnestralen schijnen door het prachtige bladerendek van de bomen, de vogels fluiten en er vliegen vlinders in de rondte. Het enige dat je herinnert aan het niet te beseffen drama zijn de diverse monumenten en de overblijfselen van de ‘putten’. In het kleine maar overweldigende museum wordt het heel snel duidelijk dat dit geen concentratiekamp was. Dit was een vernietigingskamp, een eindstation. Gek genoeg verdwijnt wel die steen van mijn maag, want opa heeft hier in ieder geval niet gezeten. Maar de verhalen, foto’s en het beetje beeldmateriaal kan ik amper bekijken. Ik lees overal maar een beetje en kijk een klein beetje film. Ik kan het niet. Ik weet wellicht al te veel over dit tijdperk en de pijn en verdriet snijdt door m’n hoofd en lijf. Het enige dat ik met wazige ogen kan en wil lezen is over de tunnel die gebruikt is om te ontsnappen. Deze tunnel is eerder dit jaar door middel van sonar gevonden. Dit is nieuwe informatie en uitermate interessant en indrukwekkend.
Ik gooi wat geld in de donatiebox en Gerben zegt (vraagt) dat ik maar iets in het gastenboek moet schrijven. Ik knik en ga zitten………ja wat moet je schrijven, zonder in te storten. Even m’n neus snuiten en een paar keer diep ademhalen en dan schrijf ik iets in de trant van:

‘No words to describe what to feel.
We must never forget. Love all ♡
Annemijn, Lennert, Gerben & Eva.
The Netherlands’

Ik loop naar buiten en Gerben zit verderop op een bankje voor zich uit te staren, ik laat hem maar even. Ook ik pak even een momentje om bij te trekken.
Wanneer iedereen buiten is lopen we van monument naar monument, van de ene plek waar mensen werden vermoord en verbrand naar de andere.
Ondertussen verzamel ik allerlei (kiezel)stenen als souvenirs voor m’n moeder, m’n tante en mezelf. Wij hechten hier heel veel waarde aan, dat zal dat beetje Joods bloed wel zijn dat door onze aderen kruipt.
Ik hou me bijzonder goed maar kan niet overal meteen antwoord op geven. Soms geef ik gewoon het plattegrondje of mijn telefoon (ik heb foto’s gemaakt van de plattegrond bij het museum waar de Engelse vertaling bij staat) aan Gerben omdat ik dan gewoon simpelweg niet kan uitspreken wat daar was gebeurd (pas wanneer ik de week erna bij m’n moeder thuis ben en m’n verhaal begin te vertellen stort ik in).
De terugweg gaat zoals altijd sneller, nou ja normaal lijkt het sneller te gaan maar nu waren we in 30 minuten alweer terug. Tja we hadden voor de grap niet gelezen dat we moesten overstappen op een andere bus in plaats van door het bos te wandelen. Ach ja….

Kuil waarin de Burners Brigade gevangen werd gehouden. Deze 80 gevangen (76 mannen en 4 vrouwen) hadden de taak om de lijken te verbranden. De 'ladder' werd gebruikt om daar vanaf de lichamen in het vuur te gooien. Begin 1944 begonnen zij met het graven van een 30 meter lange tunnel waar op 15 april 1944 12 gevangen door zijn ontsnapt. De rest werd of doodgeschoten tijdens de vlucht of bleven achter. Halverwege dit jaar hebben onderzoekers met behulp van sonar de tunnel weten te lokaliseren
Kuil waarin de Burners Brigade gevangen werd gehouden. Deze 80 gevangen (76 mannen en 4 vrouwen) hadden de taak om de lijken te verbranden. De ‘ladder’ werd gebruikt om daar vanaf de lichamen in het vuur te gooien.
Begin 1944 begonnen zij met het graven van een 30 meter lange tunnel waar op 15 april 1944 12 gevangen door zijn ontsnapt. De rest werd of doodgeschoten tijdens de vlucht of bleven achter.
Halverwege dit jaar hebben onderzoekers met behulp van sonar de tunnel weten te lokaliseren

Terug naar het appartement, feestmutsen op, toeters in de hand en verstoppen in de huiskamer, want Stefan is here! Gerben haalt hem op van de bushpixlr_20161105215127156alte en wij onthalen hem met veel blijdschap en gelach. Geen enkele toeter doet het maar dat mag de pret niet drukken. We eten Mexicaans bij No Forks, waar ze stiekem toch vorken hebben. Hierna hebben we afgesproken met twee jongens van de Runglorious Bastards. Een crew uit Vilnius. Het klikt al vrij snel en we struinen een paar bars af. In de laatste bar komt ook Sunny binnenlopen. Sunny zal zondag ook de marathon lopen. Uiteindelijk taaien Lennert, Annemijn en ik als eerste af.

 

Vandaag is het dan zover: we gaan onze startnummers ophalen! Eerst lopen we een beetje over de expo. Nou ja ik laat alles eigenlijk een beetje links liggen en duik alleen de Nike stand in. Daar koop ik na heel wat wikken en wegen, wel die shirtjes of niet, die schoenen of die, een paar neon groene Nike’s.
Het startnummer komt samen met een leuke stoffen aardig gevulde tas én een mooi Nike shirt. Heb ik toch een shirt..
We beplakken een aantal bloempotjes op de expo met Running Junkies stickers en ploffpixlr_20161105215225772en dan neer op een bankje in het aangrenzende parkje. Beetje mensen kijken en gewoon zitten eigenlijk. Eenmaal terug in het appartement vallen we allemaal in slaap, geen shake out run dus. Eind van de middag treffen we de jongens van Runglorious Bastards weer. We houden onze eigen pasta party. Het is ontzettend gezellig en we kletsen en lachen er op los. Zij zijn het helemaal niet gewend dat een crew (of hardlopers überhaupt) contact met hen opneemt om af te spreken. Ook het hele ‘Bridge the Gap’ kennen ze niet maar willen er alles over weten en raken steeds enthousiaster. Dan is het toch echt tijd om terug te gaan. Voorbereidingen treffen voor morgen en enigszins op tijd naar bed.

Heel vroeg in de ochtend worden we langzaam aan wakker. Gerben heeft op zaterdag al pannenkoeken staan bakken dus we hoeven weinig te doen qua ontbijt. Nou ja het wegkrijgen, dat dan weer wel. En dat heeft niks te maken met Gerbens kookkunsten want daar is niks mis mee. Maar eten zó vroeg op de morgen, ja dat gaat me niet zo best af en de pannenkoeken zijn vrij machtig dus met moeite weet ik er eentje te verorberen. Puur omdat het moet maar een tweede daar waag ik me niet aan. Ik ga douchen en maak me klaar. Wanneer iedereen zover is is het tijd om richting Katedros Aikštė (Cathedral Square) te gaan.
Daar ontmoeten we wederom de Runglorious Bastards. Na een groepsfoto en een bezoekje aan de Dixie verplaatsen we ons naar de startvakken. Het volkslied van Litouwen wordt gespeeld en ik zie verschillende vlaggendragers met alle nationaliteiten die meedoen. Onderweg raken we Lennert, Stefan en Gerben al kwijt, die staan in startvakken voor ons. Annemijn loopt de halve marathon en start vanuit hetzelfde vak als waar ik uit start. Ik ben bloednerveus en eigenlijk wil ik helemaal niet van start gaan. Annemijn moet lachen want de paniek slaat haast toe wanneer we van start gaan: oh er wordt afgeteld! Oh dat is het startschot! Oh de start is hier al!!
Ik loop een stukje op met Annemijn maar dan wijk ik, nadat ik haar succes heb gewenst en roep Tot straks!, uit naar links om me uit de meute te worstelen en toch even wat tempo te maken om een lekker plekje uit te zoeken. De marathon bestaat uit twee dezelfde rondes dus de eerste ronde gebruikt ik gewoon om te kijken waar de knelpunten zullen zitten in de tweede ronde. Ik vind het een leuk parcours. Er zit van alles in. Ik dwing mezelf ook echt om om me heen te kijken, om de omgeving te observeren. Die afleiding heb ik ook nodig. Op zo’n 12 kilometer begin je aan een lus, ook dit soort voor de nodige afleiding want ik zoek tussen de mensen naar Gerben, Stefan, Lennert en wat Bastards. Ik spot ze allemaal, we zwaaien en roepen. Wanneer ik bezig ben om de lus te verlaten kijk ik wederom naar de andere kant. Dit keer ben ik op zoek naar Annemijn. Ook haar weet ik te vinden en we geven elkaar een highfive.
Wanneer ik weer in het centrum ben is het vreemd om te zien dat het heel anders is afgezet als dan wat wij gewend zijn in Nederland. Veel winkelende mensen weten niet dat er een marathon gaande is en lopen dus gewoon de straat over. Ook loop je rakelings langs terrasjes. Ik passeer het gemeentehuis en uit de boxen klinkt een nummer van de Foo Fighters. Hier wordt ik blij van.
Ik ben nog steeds soort van blij wanneer ik weer op het plein aankom want ik voel me goed genoeg om de tweede ronde in te gaan. Iets waar ik zo mijn twijfels over had. Tevreden begin ik aan m’n tweede ronde. Op naar het stuk langs het water, oh ja eerst een stukje met grote gladde keien. Ik loop de marathon altijd op Lunarglides (Nike). Ik vind het een super fijne schoen maar de zolen erg glad, dus het stukje keien is niet bepaald mijn favoriete stukje. De brede straat die ik in de eerste ronde zo fijn vond vind ik nu een stuk minder. In de eerste ronde was het deelnemersveld hier nog niet zo extreem uit elkaar gevallen én liepen de halve marathoners ook nog mee. Nu is het een haast uitgestorven straat. Ondertussen is ook de zon doorgebroken dus alles bij elkaar maakt het ietwat lastig allemaal. In de eerste ronde heb ik met mezelf afgesproken dat ik de klim die op 9km zat en nu dus op 30km zit wandelend mag doen. Maar eerst nog door het mooie pad met de metershoge naaldbomen aan weerskanten. Dan is daar de klim, ik mag wandelen maar besluit te blijven rennen. Tot die boom en dan mag ik wandelen, maar ik blijf het punt waarop ik mag wandelen uitstellen en voor ik het weet sta ik bovenaan, om vervolgens te gaan wandelen. Het stuk richting centrum gaat op zich aardig tot ik weer bij het begin van de lus aankom. Dit keer geen hordes met mensen die aan de andere kant langs je lopen maar her en der een marathonloper die het zwaar heeft en het merendeel is aan het wandelen. Dit maakt het voor mij ook bijzonder moeilijk om te blijven rennen. Ik besluit hier dan ook een stuk te wandelen. Mijn hoofd begint te vertellen dat ik niet meer wil en ik baal er een beetje van. Ik ga niet voor een tijd, ik ga puur voor uitlopen. Dat het zwaar zou zijn wist ik van te voren dus daar ligt het probleem ook niet maar dat mijn hoofd nu gaat lopen miepen over dat ik geen zin meer heb en me begin te vervelen dat was niet de afspraak. Ik ben ondertussen weer gaan rennen en passeer een man. Deze man spreekt me aan en ondanks dat hij het duidelijk ook zwaar heeft is hij super enthousiast. Hij spreekt Litouws dus ik moet aangeven dat ik hem niet versta. Ondertussen rem ik wat af. Hij komt uit Litouwen, is net 50 jaar en loopt zijn eerste marathon. We kletsen gezellig wat en ik loop ongeveer een kilometer met hem op. Zijn doel is om binnen de 5 uur te finishen, ik kijk op mijn horloge en probeer snel wat te rekenen. We moeten nog 6km en dat moet ie ruimschoots halen in zijn streeftijd. Wanner ik hem dit vertel zie je hem nog meer opfleuren. Even later gaan we uit elkaar. Met een goed gevoel loop ik in mijn eentje verder. Op zich had ik de laatste kilometers best samen met hem uit willen lopen maar aan de andere kant ben ik ook opgelucht dat hij voor een pitstop ging en ik verder kon want het ging me toch echt te langzaam. Wanneer ik weer in het centrum aankom is de situatie nog niet veranderd. Nog steeds open mensen zomaar de straat over. Zo steekt er een man met hengel zo ineens over, voor m’n gevoel sta ik op het punt om een haak in m’n lichaam te krijgen maar het gaat net goed. Vol verbazing loop ik door, de man in kwestie heeft niets in de gaten. Zo te zien is hij gefixeerd op het mooie visplekje aan de overkant en ziet ie niet waar hij zojuist doorheen gewandeld is. Even later stuit ik op verschillende mensen met tassen vol nieuwe aankopen. Het vervelende is is dat ik lang niet meer zo wendbaar ben dan kilometers geleden. Gelukkig gaat iedereen net op tijd opzij want ik ben echt niet in staat om ze te ontwijken. Gelukkig zou ik er ook niet keihard tegen aanlopen maar zou het een zeer lullige botsing zijn met heel weinig impact. Alleen het weer op moeten starten zou vervelend zijn. Bij het gemeentehuis is er nog steeds muziek maar jammer genoeg geen Foo’s, daar had ik toch een beetje naar uitgekeken. Wanneer ik nog 2,5km moet is er weer een klim, hier wandel ik. Een vrouw langs de route spreekt me aan. Ook zij begint in het Litouws maar schakelt snel over naar het Engels. Ze vraagt hoeveel kilometer ik nog moet en hoelang ik al onderweg ben. Ze reageert uitermate trots op mijn antwoorden. Ze stuurt me weg met de woorden: And now go! You go girl! Do it for the Dutch! Girlpower!!!!
Ik steek een vuist in de lucht en roep Girlpower! en begin weer te rennen. Heerlijk dit soort mensen.
Nog een klein stukje en dan heb ik hem gehaald. Net als in Enschede moet ik dit ook echt tegen mezelf zeggen want ondanks dat het wederom zwaar was voelt het toch niet als 42,2km. Al ben ik wel op. Moe, leeg, hongerig maar voldaan. Ik stap over de finish, gooi m’n hoofd in m’n nek en sla m’n handen voor m’n gezicht. Ik slof door naar de mensen die staan te wachten met de medailles. Het meisje geeft me een hand om me te feliciteren. Ik hou haar hand in de mijne en bedank haar weer op mijn beurt. Dan hangt ze die grote medaille om mijn nek, wat is ie mooi!
pixlr
Nadat ik de rest weer heb gevonden, of zij mij, wisselen we tijdens het wandelen naar het appartement onze ervaringen uit. Iedereen springt snel onder de douche en dan door naar onze volgende dinerdate met de Bastards. We toasten op onze overwinningen en nemen na het eten afscheid van elkaar. Dit zal vast nog een vervolg krijgen. In Amsterdam, in Litouwen of waar dan ook.

Op de laatste dag hier in Litouwen besluiten we naar Trakai te gaan. Om het Island Castle te bezoeken. We strompelen de bus uit en waggelen de kleine 2km naar het kasteel. De omgeving is prachtig. Ik geniet met volle teugen. Het leuke van een kasteel is bijvoorbeeld al die ongelijke smalle (wentel)trappetjes, erg leuk een dag na je marathon. We ondergaan alles dus ook haast in slow motion en slaken her en der een kreetje of een kreun. Na ons bezoek aan deze prachtige plek bezoeken we de Gediminas Tower of the Upper Castle, deze staat ook op de medaille afgebeeld en het lijkt ons een mooie locatie om een groepsfoto mét medailles te maken.

pixlr_20161108194620810 Nog een laatste etentje bij Bukowski en dan is het tijd om de koffers weer in te pakken. Dinsdagochtend vliegen we vroeg in de ochtend weer terug naar Eindhoven.
Het waren mooie dagen met een bijzondere marathon, vol mooie herinneringen en nieuwe vriendschappen.


Oh en de man waar ik rond de 36km een stukje mee gelopen heb? Die heeft zijn streeftijd met zo’n 15 minuten verpulverd! Hij kwam ongeveer 10 minuten na mij over de finish en mijn eindtijd was 04:34:45. We hebben elkaar niet meer gezien maar we zijn dezelfde dag nog Facebook-vrienden geworden.

 

Mijn zevende marathon: de korte aanloop

Nog iets minder dan een maand en dan loop ik alweer mijn zevende marathon. Zoals altijd heb ik na amper twee weken mijn trainingsschema onder begeleiding van allerlei excuses alweer aan de kant gegooid. Ditmaal staat mijn hoofd er dus echt totaal niet naar en als mijn hoofd er niet naar staat staat mijn lichaam dat ook niet. Ik ben niet iemand die juist gaat lopen om het hoofd leeg of tot rust te krijgen, mijn drukke hoofd heeft een soort verlammend en verkrampend effect op mijn lichaam. Tenminste als het zo extreem druk is zoals het nu is.


Zaterdag 13 augustus sta ik met onder anderen Edwin, Ton , Andrea en Steffen in het Olympisch Stadion. Vandaag zullen we Ben Johnson ontmoeten. Iedereen is een tikkeltje nerveus en hyper enthousiast.
Nadat hij het Stadion heeft betreden, het zicht ons wordt ontnomen door alle fotografen en we een soort van serenade aan Mr. Johnson hebben moeten aanhoren maken we ons klaar voor de training. De warming up doen we onder begeleiding van Marius, die ik weer ken sinds het EK Atletiek. Edwin en ik beginnen al onwijs melig te worden (as usual) en worden waarschijnlijk al ontzettend irritant voor de anderen. Dan is ook Ben klaar voor de rest van de training. Hij legt het een en ander uit over het zo snel en sterk als mogelijk uit de startblokken weg te sprinten. Over de houding van je lichaam en je passen.
We krijgen wat looptraining en mogen dan plaatsnemen in de startblokken. Nou heb ik dit nog nooit eerder gedaan en ik ben zeer verrast over hoe dit aanvoelt. De spanning staat overal op m’n benen en de eerste keer schiet ik meteen uit de houding omdat het voelt alsof mijn linkerknie elk moment kan knappen. Langzaam aan laat ik me weer in de houding zakken en met een gecontroleerde ademhaling neemt de spanning rondom m’n knie af. Na een paar sprintjes is het tijd om het boek van/over Ben Johnson in ontvangst te nemen en te laten signeren. Al met al een bijzonder uurtje op deze zaterdagochtend.

Zaterdag 20 augustus ga ik voor het eerst suppen! Samen met Udjen, Lianne, Monique en Annika. De enige twee die enigzins ervaring hebben hiermee zijn Annika en Monique. Annika is ons surfmeisje en Monique heeft eens een keer eerder gesupt.
We krijgen een korte uitleg en mogen dan omstebeurt op een plank stappen. Annika en Lianne dobberen al op hun knieën op een plank en dan kies ik mijn plank. Ook ik start eerst maar eens op mijn knieën om te zien hoe stabiel zowel de plank als ik ben. Maar al snel sta ik voorzichtig op. We peddelen weg van het opstappunt en het gaat allemaal prima. We hebben een hoop lol en dat wordt er zeker niet minder op wanneer we de eerste echte bocht moeten maken. Dit gaat niet iedereen even gemakkelijk af. Monique blijft achter en wanneer ze is opgehaald door onze begeleider zijn we aangekomen bij een kruispunt. Iets wat dus ook deining veroorzaakt. Iets wat ons duidelijk nerveus maakt. Annika verliest haar evenwicht en beland in het water. We lachen erom maar dan komen Udjen en ik te dicht bij elkaar en door de deining raakt Udjen uit balans, ze stapt te ver naar voren op haar plank en haar plank glijdt onder haar vandaan. In minder dan een oogwenk lig ik, terwijl ik mijn plank en mijn evenwicht onder controle heb, ook in het water. Beide begrijpen niet wat er is gebeurd, aangezien het zo ontzettend snel ging allemaal. Maar Monique weet ons te vertellen dat nadat Udjen d’r plank onder haar weg is gegleden een sprong maakt en schijnbaar springt ze op de punt van mijn plank. Daardoor maak ik dus ook pijlsnelle duikvlucht het water in. Uiteraard totaal niet erg, want nadat we van de schrik zijn bekomen (én erachter komen dat we toch heel gemakkelijk weer op onze planken kunnen klimmen) kunnen we er heel erg om lachen.
Ondertussen peddelen we lekker door. Zolang er niet teveel deining is ben ik lekker ontspannen. Ik heb mijn waterdichte cameraatje meegenomen dus kan leuk wat foto’s maken. Bij terugkomst zijn alleen onze begeleider en Lianne droog gebleven. Wederom een ontzettend leuke middag, zeker voor herhaling vatbaar.

In het weekend van 26, 27 en 28 augustus is het derde Running Junkies Trainingsweekend. Het tweede waar ik zelf bij ben. Het eerste jaar was het op Ameland, hier was ik niet bij en vorig jaar was het in Wijche, Limburg. Wat een top weekend was dat!
Dit jaar gaan we naar Appelscha. Ik zit in de auto met Dennis, Tommie, Seth en Madeleine. Bij aankomst van bijna de eindbestemming krijgen we onze eerste opdracht / training. We worden in twee groepen verdeeld (dit zijn we eigenlijk al in Amsterdam toen we allemaal een toen nog nietszeggend kaartje kregen van Sophie). De ene groep is Drenthe (en staan op dat moment ook op Drentse grond) en de andere groep is Friesland (en staat dus op Friese grond). De samengevoegde kaartjes vormen een QR-code met daarop de coördinaten van waar de te veroveren vlag te vinden is. Nadat deze is gevonden moet deze naar de uitkijktoren op de heide gebracht worden. Pas wanneer de gehele groep compleet is heeft die groep ook daadwerkelijk gewonnen. De sprint richting vlag gaat nog op zich maar het is wel erg warm. De koplopers komen er alweer aan met de vlag dus ik kan me gewoon omdraaien en proberen mee te komen. Eenmaal op de heide kom ik tot de conclusie dat ik lang niet zo sterk ben als ik hoopte te zijn. Het tempo ligt te hoog, de ondergrond is te zwaar en ik heb het te warm. Het laatste stuk loop ik samen met Bahadir, het is zijn eerste keer met de Junkies….ever, en ook hem valt het zwaar. We wandelen ook een stuk. Dan is daar eindelijk de uitkijktoren en ook ons team ziet ons en schreeuwen ons naar zich toe. Of dat proberen ze in ieder geval. Wanneer we er zijn blijf ik eerst even in de schaduw onder de toren in het gras zitten. Even mezelf herpakken want eigenlijk ben ik zeer geschrokken van mijn conditie. En dit betrof nog geen 5 kilometer. In de avond gaan we voor een 10 kilometer trail. Ik begin met goede moed. Op zich gaat het lekker, we gaan niet te snel. De omgeving is fantastisch. Dan na zo’n 9 kilometer kunnen we de route niet meer vinden. Wan begeleidt ons via Google Maps en houdt ons op de hoogte hoeveel kilometer we nog moeten. Ik begin er aardig doorheen te zitten. En het feit dat we weer over de heide moeten helpt niet. Ik ben moe en de ondergrond wordt dus alleen maar zwaarder. Om de zoveel honderd meter krijgen we te horen dat we ‘nog’ maar twee kilometer moeten. Iets wat bij mij heel wat irritatie op begint te wekken. Niet tegenover Wan want die kan er ook niks aan doen maar vanwege het feit dat ik er ondanks het gezelschap, ondanks de prachtige zonsondergang, ondanks de liedjes van de meiden, he-le-maal klaar mee ben. Ik kan niet meer of beter, ik wil niet meer.
Finally lopen we dan op het pad waarop we zijn begonnen, het zit er bijna op. Wanneer we de camping oprennen begint de groep We are the Champions te zingen. Ik doe niet mee, voornamelijk om het simpele feit dat ik daar na deze zware kilometers gewoon geen energie voor heb.
De volgende morgen beginnen we de dag met een yoga les van onze eigen Loes. Dat kan ik wel gebruiken die ontspanning want eerlijk gezegd ben ik zeer gespannen voor de loop van vandaag. Er staat een 16km, 23km of 27km op het programma en met oog op de marathon wil ik gaan voor de 27km. Ook Nydia wil deze afstand lopen en gewoon op een rustig tempo. Ik ben ervan overtuigd dat dit moet kunnen dus we besluiten samen te gaan. We gaan van start met Sophie, Jaimie en Sander. Die gaan voor de 23km. Wederom merk ik al veels te snel dat ik teveel moeite heb om bij te blijven. Genieten kan ik al helemaal niet. Na 8 kilometer hebben we even een korte stop, ik weet dat dit een slagveld gaat worden voor mij. Het voelt alles behalve goed. De groep merkt het ook en geeft aan dat wanneer het tempo omlaag moet of we een pauze moeten inlassen ik het gewoon moet aangeven. Heel lief maar dat wil ik niet. Iedereen, behalve moi, loopt lekker. Er wordt gekletst en soepel en ontspannen gelopen. En ik loop daarachter, te worstelen met m’n ademhaling, met de warmte maar vooral met mezelf. Ook drink ik ontzettend veel. Iets wat ik normaal niet doe, dus ook dat geeft aan dat het niet goed gaat. Wanneer Sander aangeeft dat het pad links de route van de 16km is slaat de twijfel toe. Ik ‘moet’ een lange afstand lopen maar eigenlijk weet ik dat ik dit niet ga volhouden. We zitten nu net op 10km. Ik heb het gevoel nu al leeg te zijn en dan moet ik nog 17km, met nog maar een halfvolle bidon. Ik geef aan dat ik het niet verstandig vind om door te gaan en zeg sorry tegen Nydia. Sander biedt aan om met me terug te gaan maar het is Sophie met wie ik de laatste kilometers vol maak. Het feit dat ik niet meer hoef aan te haken en de wetenschap dat ik de groep niet meer zal ophouden en we wellicht ergens zullen stranden is verdwenen geeft ook een heleboel rust. Soof en ik kletsen lekker en hebben lol. We lopen lekker relaxed. Wanneer we terug zijn hebben we zo’n 17km gelopen. Tien kilometer minder dan gepland en dat doet me pijn. Mentaal maar ook fysiek. M’n schenen en kuiten doen pijn. Ik doe dus ook niet mee met het sprint-spel in de middag. In de avond gaan we lekker dansen. Dat gaat gelukkig prima. Op zondagochtend lopen we (ver)korte trail. Het regent keihard en er liggen diepe plassen. En om het nog net iets leuker te maken, het onweert ook. Bij terugkomst vormt zich bij elke douche een rij van mensen met druipende sportkleding. Omstebeurt springen we in ons ondergoed onder de douche, alles is toch al nat. En tijdens het douchen kleedt ik me uit, scheelt weer tijd. Buiten tegen het pand staan rijen met sportschoenen uit te druipen.
De gezelligheid was weer in grote getale aanwezig maar het gebrek aan conditie en kracht zorgt ervoor dat ik alles toch even moet laten bezinken.

Vrijdag 2 september hebben we de Dam tot Damloop Test Run. Met een vrij grote groep gaan we onder begeleiding van een aantal Junkies van start vanuit Run2Day aan de Overtoom. We lopen via het Vondelpark en door het centrum richting de veerpont bij het Centraal Station. Met het pontje steken we over en vanaf daar vervolgen we onze route om uiteindelijk op het officiële Dam tot Damloop parcours te belanden. Udjen en ik lopen samen, we lopen achteraan in de middelste groep. We doen het lekker rustig aan. We voelen ons beide niet erg fit dus we voelen ook niet de drang om onszelf te pushen tot snellere tijden. Het is tenslotte ook gewoon een funloopje. Wanneer we in het centrum van Zaandam aankomen hoor je vele verbaasde reacties van de mensen op straat. Aangezien zij ook wel weten dat de Damloop niet vandaag al is. Anderen, vooral vanaf de terrasjes op het laatste pleintje, moedigen je van harte aan. Dan ‘nog even’ de Peperstraat uitlopen en dan zit het er weer op. We hebben weer zo’n 17km in de pocket. Tot mijn eigen opluchting kan ik zeggen dat ik nu wel lekker heb gelopen. Maar m’n snelheid is natuurlijk niet van het ‘hoort’ te zijn. Over 9 dagen sta ik aan de start van de marathon in Litouwen en gelukkig heb ik maanden geleden al besloten om een eventueel pr of überhaupt snelle tijd los te laten. Uitlopen is het plan en eerlijk gezegd heb ik daar zo mijn twijfels over.

Crashtest Eve…: Asics Dynaflyte

Een kleine drie weken geleden kwam de postbode bij me aan de deur om me de Asics Dynaflyte’s in m’n handen te drukken. Met in de rondte zwaaiende armen rende ik door het huis van blijdschap. Alleen één minuscuul probleempje: ik ben geblesseerd…..

Vanavond heb ik dan eindelijk eens met die leuke schoenen die op m’n plank staan te pronken een klein rondje kunnen rennen. Het worden drie kilometers omdat ik rustig aan wil opbouwen. Maar het zijn drie fijne kilometers want dit is niet alleen een leuke schoen om naar te kijken maar vooral ook om op te lopen.

Na het aantrekken voel ik meteen al dat de schoen een goede stevige support biedt aan je hiel, wat ik persoonlijk wel fijn vind. Ook trekt mijn aandacht naar de lip van de schoen, die ziet er niet standaard uit en daar hou ik wel van. Voor en achter zit reflectie dus dat is sowieso een pluspunt.
De kleuren van de schoen vind ik ondanks het vele grijs (wat ik overigens echt heel erg mooi vind) erg vrolijk en fris. In eerste instantie dacht ik dat het grijs volledig reflecterend is maar dat is dus niet zo maar blijf het bijzonder vinden om naar te kijken.

Wat iedereen die de Dynaflyte in zijn/haar handen of aan zijn/haar voeten heeft gehad meteen al opvalt is het gewicht. Ze zijn super licht. Maar toch zijn ze in het bezit van een goede demping en voldoende ondersteuning. Het betreft echter wel een neutrale schoen dus ik persoonlijk zal er hoogstwaarschijnlijk niet verder dan een halve marathon op lopen.

Vanavond hou ik mijn rondje dus kort en op een heel rustig tempo, maar ik loop ontzettend fijn op deze schoenen.
Hopelijk blijft m’n herstel in een stijgende lijn gaan en kan ik binnenkort veel meer kilometers maken op deze onwijs leuke en fijne schoenen.

pixlr_20161026200139350